Midden in een fijn gesprek met een bijzondere vrouw, zei ze opeens deze woorden. Nu ruim 7 jaar geleden. Het leek of mijn keel ter plekke werd dichtgeknepen. Want die woorden…dat was ik. Helemaal, in mijn hele doen en laten.
Onder controle
Altijd was alles onder controle. Deadlines haalde ik met gemak, het huis was opgeruimd en netjes, alles was gestructureerd en geagendeerd. Controledrang…zo ervaarde ik dat zelf natuurlijk helemaal niet. Ik zag het als ‘in control’ zijn en de boel voor elkaar hebben. Dat was voor mij normaal. Tot dat moment. En dan vooral door de woorden die volgden in de zin. Onzekerheid. Onzeker? Wie, ik??
Zo waar
Diep van binnen voelde ik hoe raak dat woord was. En hoe graag ik het tegelijkertijd niet wilde horen. Want het was de vinger op de zere plek. Die plek, waar we het liefst verre van blijven. Waar we heel graag met een grote boog omheen gaan. Die we vooral niet willen zien. Maar het was waar. Ik was onzeker en wist dat altijd ontzettend goed te verbloemen. Door mijn verbale kracht, door mijn grote glimlach, door mijn toegankelijke houding.
Onzeker
Dat moment was ontzettend pijnlijk, maar heeft me ook ongelofelijk veel gebracht. Want hoe ik nu in het leven sta, is zo anders dan toen. En wat ben ik die dame dankbaar voor deze zin. Want ook ík mag mezelf sindsdien onzeker voelen. Ook ík hoef niet altijd alles geregeld te hebben. Ook ík kan niet altijd alles weten. Het heeft ervoor gezorgd dat ik me minder snel druk maak, dat ik minder stress ervaar en dat ik een leuker mens ben. Voor mijn omgeving, maar vooral voor mezelf!